hoezo liefde


ze hield van alle mannen, en niet om hun geslacht
ze wilde hen beminnen, dat is wat ze dacht

maar heel diep weggescholen, ze kende het niet eens
daar zat haar stukke zieltje, dat wilde iets gemeens

ze was heel openhartig, en zei: ik ben een slet
dat heeft het ijs gebroken, toen gingen we naar bed

ik gaf haar al m'n liefde, dat was een goed gevoel
ze moest er erg aan wennen, ik had een heleboel

en na wat leuke maanden, kreeg ze het benauwd
ze kon niets met de liefde, maar zag bij mij geen fout

ze wilde van me houden maar haar houden van was stuk
ze kon niets met de liefde, en sloopte haar geluk

* * *

en wat ze ook probeerde, ik liet haar niet meer los
ik had haar zelf gevangen in mijn grote liefdesbos

ze moest me wel bedriegen, en koos daarvoor mijn vriend
die gaf maar weinig weerstand, heeft later nog gegriend

pas toen ik ze zag zoenen werd ik een beetje raar
m'n eigen kleine wereldje, dat klapte in elkaar

ik raakte door haar fratsen m'n intuïtie kwijt
was zonder zelfvertrouwen een zombie in die tijd

nu heb ik veel meer afstand, ik zie waarom ze moest
ik kan haar zelfs vergeven wat ze eeuwig heeft verwoest

en in haar stukke zieltje daar woekert het nu voort
het zal haar overgroeien, dan wordt ze uitgemoord

als onverschrokken onkruid, groeit binnen in haar lijf
de haat, de dood, de kanker
nog even, dan is ze stijf

* * *

 
Copyright - Bas Dekker - 2006